Intro Soortenjager

Ik ben een soortenjager. Dat wil zeggen dat ik elke vissoort wil vangen. Het vangen van een nieuwe vissoort geeft mij immers een grotere kick dan het vangen van mijn duizendste brasem. Leg je zelf geen beperkingen op als je een soortenjager wil zijn. Bekijk elke stek als een mogelijkheid om een nieuwe soort te vangen. Een tiendoornige stekelbaars zit bijvoorbeeld immers in superondiep water vol plantengroei. Water waar elke normale visser hard voorbij loopt omdat er toch geen vis zou zitten... Leer je gewenste vissoort kennen. Hoe meer je weet hoe succesvoller je zult zijn. Waar kun je je soort vinden? Wat eet die soort? Wanneer is hij actief? Hoe kun je hem vangen? Je zult met tegenslag te maken krijgen. Je ziet al gauw een belangrijk detail over het hoofd waardoor je missie niet slaagt. Maar dat maakt de voldoening alleen maar groter als het je gelukt is om een soort toe te voegen aan je soortenlijst!

donderdag 7 mei 2026

Noorwegen deel II

De eerste keer vissen in Noorwegen was goed bevallen. De hikes idem dito. Het animo om weer te gaan was dus groot. Deze reis viel vooral op hoeveel geluk we hadden met het weer wat hiken betreft. Het grootste deel van de tijd was gewoon zonnig. Dat betekent dat de uitzichten werkelijk waar fenomenaal waren. Het klassieke Noorse grauwe weer heeft zich heel af en toe laten zien in de vorm van een klein buitje. En dat vaak ook nog als we in de auto zaten. Wat wel tegenzat was de wind die net even te vaak draaide naar Noordelijke hoeken waardoor de temperatuur kelderde. Nu hebben ik en Manolo voldoende speklaag om dat aan te kunnen. De Noren zeggen ook graag dat slecht weer niet bestaat maar slechte kleding wel. De ervaren vissers onder ons weten dat een draaiende wind naar het Noorden weinig bijtlust bij de vis betekent. En dat hebben we wel degelijk gemerkt. Er was sowieso heel weinig vis te zien vergeleken met de keer dat we in juni gingen. Toen zagen we de vis nog jagen in de bovenste lagen met meeuwen daarboven. Dit deel van Noorwegen loopt twee maanden achter ten opzichte van Nederland. We zagen hier nog bloesem, narcissen, kleine lammetjes en ontluikende berkenblaadjes. Vissen begin maart feitelijk dus. Dankzij onze stekkennis van toen maar ook dat we gegroeid zijn als visser wisten we zelfs nog meer soorten te vangen als de vorige keer: zestien in plaats van vijftien.
Onze eerste sessie is ongeveer naast ons huisje. We hebben er 22 uur over gedaan van thuis naar onze bestemming met de auto en de veerboot. Met moeite wat kliplipvis en zwartooglipvis gevangen. We waren het snel erover eens dat een goede en lange nachtrust wel zo wenselijk was en doken onze bedjes in.
Onze tweede sessie was dan na een geslaagde Preikestolen hike in het haventje waar Manolo vooral hoopte op zeewolf. Er was heel weinig leven te zien in het ondiepe water. Maar wat wel opviel was dat het een soort was die we beide nog niet hadden: blonde grondel. Die kon ik mooi proberen met het Tenkara hengeltje dat in Japan is gekocht. Ultralicht, een meter of drie lang, flinterdun topje en een transportlengte van 26cm waardoor het fijn in elk rugzakje past. De eerste nieuwe soort moest ik er nog mee vangen. Dat lukte met veel moeite: eindelijk een blonde grondel die wel interesse had. Gek genoeg had Manolo die de Tenkara daarna overnam heel wat minder moeite en ook hij was blij met zijn eerste blonde grondel.
Verderop in het diepe water liep het ook geen storm met onze hengels die beaasd waren met garnaal en stukjes makreel. Ik ving een vrouwelijke pitvis en een zeewolfje tegelijk. Oei, die laatste is nu net de soort die Manolo graag wou. De tongschar en schar van mooi panformaat leken helemaal afwezig nu. Om Manolo meer kans te geven op de zeewolf ga ik met de Tenkara het ondiepe op. Beetje oefenen met de blonde grondels. En misschien zit er wel een kleurige grondel bij. Of een glasgrondel. Of een kristalgrondel. Het kan allemaal hier. Dan zie ik ineens een joekel van een zeestekelbaars op mijn aas af zwemmen. Deze draait zich echter om alsof hij zich bedacht heeft en vlucht onder een touw vol wier. Eigenlijk ga ik er al vanuit dat ik geen kans maak. Ze hebben liever mysis. Levende mini garnaaltjes die je normaal in de zomer kunt vangen met een heel fijnmazig schepnet. Nu waren al onze pogingen op dit aas op niks uitgelopen. Ook is het een soort die bij voorkeur in het donker aast. Toch gooi ik mijn flinterdunne stukje garnaal zodanig dat dit vlak langs het touw afzakt. Mijn aas wordt onmiddellijk gepakt en dan heb ik het prachtige visje van wel vijftien centimeter toch in mijn handen. Wat een mazzel!
Dan is het de beurt aan Manolo qua geluk: hij heeft zijn zeewolf binnen. Verder gebeurt er heel weinig behalve nog een mooie mannelijke pitvis en een ondermaats scharretje. Het was echt schrapen geblazen maar mooi elk twee nieuwe soorten erbij! Ons hoor je dan ook niet klagen.
Een dag later hadden we de beschikking over een boot met 25 paardenkrachten. Helaas zonder dieptemeter of visvinder dus dan is het wel een beetje blind vissen. Gelukkig gaf de eigenaar van de boot een plek aan waar we een goede kans maakten. Kort samengevat: we hebben hard moeten werken ervoor maar we hadden wel voldoende vis voor twee dagen te eten voor twee personen. Pollak, koolvis, kabeljauw, schar en gestreepte lipvis waren vandaag de buit. Kapitein Manolo heeft prima gevaren ook toen de wind behoorlijk begon toe te nemen en het comfortabele er wel van af was.
Dan het maanlandschap van deze streek bezocht. Het gesteente is hetzelfde als wat op de maanoppervlakte ligt: anorthosiet. Zeer arm aan nutriƫnten dus bijna geen enkele plant groeit hier. De Trollpikken heeft zijn naam niet gestolen: het betekent precies datgene wat jij nu denkt. Ook de hike naar de vuurtoren van Eigeroy mocht er zijn. Ook al was die een stuk langer dan internet beloofde. Qua vissen hebben we deze dag niet lang geprobeerd maar wel lang genoeg zodat Manolo zijn eerste zalmpje binnen had! Ik had iets daarvoor dan mijn eerste Noorse Atlantische forel gevangen. En als laatste wat zwarte grondeltjes.
Dan een dag dat we het rustig aan gaan doen qua kilometers lopen. We hadden heel veel zin in de topstek van de vorige keer. Toen was het feest met enorme aantallen koolvis en pollak. En een enkele makreel en kabeljauw. Nu was diezelfde stek visloos. Een venijnige Noordenwind zorgde ervoor dat we ook al snel wat meer de luwte gingen opzoeken van het fjord. Het houten looppad onder de rotswand heeft veel geleden onder het vallende gesteente. De leuning lag her en der wel erg scheef. En om het nog erger te maken: na een meter of twintig was het compleet weg geslagen. Ook hier was het een enkele vis die wilde meewerken. Zelfs de overdag zichtbaar rondzwemmende alen in het haventje hadden geen eetlust. Fijn dat de club van Manolo (FC Barcelona) wel meerwerkte door het kampioenschap te pakken die avond.
Dan het hoogtepunt qua hikes deze vakantie: de Himakana. Het kleine zusje van de beroemde Trolltunga. De Himakana geeft een magnifiek uitzicht na een uurtje of twee wandelen. Ter vergelijk: de Trolltunga is gemiddeld tien uur aan de wandel.
Dan de kleurrijke vissersstad Stavanger zelf. We hoopten de vis te vinden in de diepe havens waar enorme cruise schepen kunnen aanmeren. Dat was ook zo maar ook hier was het werken. We hebben in elk geval genoten van een verrukkelijke vismaaltijd in een te duur restaurant. Manolo wist dan eindelijk zijn eerste dwergbolk binnen te halen.
Onze laatste dag stond vooral in het teken van opruimen en uitrusten voor de lange terugrit. Evengoed nog even een hengel erbij gepakt. Het hoogtepunt was een krab... We hebben wederom goed genoten van deze vakantie.